Geen kaas, een gemiste kans

Kaas op brood, in een pasta, uit het vuistje, voor het slapen gaan, in de lunchtrommel en mee in de reistas zorgt er voor dat de Nederlander gemiddeld, jong en oud, 20 kilo kaas per jaar nuttigt. Eens was kaas een luxe product. Ook een overlevingsproduct toen herders de bergen in gingen om koeien en schapen te weiden en melk in een varkensblaas meenamen. Door het schommelen en schudden ontdekten ze tot hun verbazing inplaats van melk een geklonterde bol. Nu weten we dat dit veroorzaakt wordt door de enzymen aan de binnenkant van de blaas. De ontdekking werd wereldwijd bekend en bij het stremmen van melk tot kaas wordt word nog steeds van dezelfde enzymen gebruik maakt. Overigens, niet altijd. Om vegetarische kaas te maken gebruikt de biologische boer biologisch stremsel.

In de prehistorie maakte men kaas in aarden potten. De eerste kaas die mensen blij maakte en er vooral voor zorgde dat zij voldoende vitamines binnen kregen. Dat wist schipper Boentekoe nog niet en leed zijn bemanning aan scheurbuik, een gebrek aan vitamines. Kaas was jarenlang niet goedkoop. Door verbeterde en moderne methodes en handiger gereedschap werd de productie goedkoper.